Een vraag die wij regelmatig krijgen van ondernemers is: mag je meerdere subsidies gebruiken voor dezelfde kosten binnen één project? Het korte antwoord is: soms wel, soms niet. Dit heet cumulatie en de regels zijn minder eenvoudig dan vaak wordt gedacht. In dit artikel leggen we uit wat cumulatie betekent, waar de grenzen liggen en waarom fiscale regelingen zoals de WBSO of de Energie-investeringsaftrek (EIA) hierin soms een bijzondere positie innemen.
Cumulatie betekent dat een onderneming voor dezelfde activiteiten of kosten meerdere vormen van overheidssteun ontvangt. Denk bijvoorbeeld aan een investeringsproject waarbij u nationale steun, bijvoorbeeld via een VEKI, combineert met een fiscale regeling, zoals EIA. In dat geval dragen meerdere publieke financiers bij aan (een deel van) dezelfde projectkosten.
De overheid staat cumulatie niet automatisch toe. Subsidieverstrekkers moeten namelijk voorkomen dat een project “overgefinancierd” raakt met publieke middelen. Daarom geldt in de meeste regelingen dat het totaal aan steun nooit boven een bepaald percentage van de subsidiabele kosten mag uitkomen. Deze kaders volgen uit de Europese staatssteunregels, in het bijzonder de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV), waarin is vastgelegd hoeveel steun overheden maximaal mogen verlenen aan een onderneming of project zonder dat dit de concurrentie verstoort.
De gedachte achter cumulatieregels is dat subsidie bedoeld is als stimuleringsinstrument en niet als volledige bekostiging van een investering. Overheden willen projecten mogelijk maken die anders niet, of pas later, zouden worden uitgevoerd, maar verwachten tegelijkertijd dat de aanvrager zelf financieel verantwoordelijkheid blijft dragen. Wanneer verschillende regelingen onbeperkt gestapeld zouden mogen worden, zou een situatie kunnen ontstaan waarin (meer dan) 100% van de kosten met publieke middelen wordt gefinancierd. Dat zou de markt verstoren, strijdig zijn met Europese staatssteunregels en het stimulerende effect van subsidie wegnemen.
Daarom moet bij iedere subsidieaanvraag zorgvuldig worden beoordeeld welke andere publieke bijdragen al zijn ontvangen of nog worden aangevraagd, zodat kan worden vastgesteld of de maximale steunruimte niet wordt overschreden.
Bij deze discussie ontstaat vaak verwarring rondom fiscale regelingen zoals de WBSO, of investeringsregelingen zoals de EIA. Veel ondernemers ervaren deze als subsidie, omdat ze financieel voordeel opleveren. Juridisch functioneren ze soms echter anders dan een projectsubsidie.
WBSO en de EIA zijn fiscale faciliteiten. U ontvangt geen subsidiebedrag op uw rekening, maar mag een extra percentage van de kosten aftrekken van de fiscale winst of loonheffing. Het voordeel ontstaat dus via een lagere belastingafdracht, niet via een directe bijdrage aan het projectbudget.
Dat onderscheid is belangrijk, omdat fiscale regelingen in veel gevallen niet worden meegerekend als subsidie bij de bepaling van cumulatie. Ze vallen onder het belastingstelsel en niet onder het subsidieplafond van een specifieke regeling. In de praktijk betekent dit dat een investering soms zowel een projectsubsidie kan ontvangen als gebruik kan maken van de WBSO of EIA, zonder dat dit direct leidt tot overschrijding van de toegestane steunintensiteit.
Dit is echter geen automatisme. Sommige subsidieregelingen schrijven expliciet voor dat fiscale voordelen wél moeten worden meegenomen in de berekening van de totale steun. Dit kan bijvoorbeeld zijn opgenomen in de voorwaarden van een regionale regeling of een specifieke openstelling, en juist daar gaat het in de praktijk regelmatig mis. Daarnaast bestaan er ook fiscale regelingen die wel per definitie als subsidie worden aangemerkt, zoals de Milieu-investeringsaftrek (MIA).
Of cumulatie is toegestaan, hangt altijd af van een combinatie van factoren. Niet alleen het type subsidie speelt een rol, maar ook de staatssteuncategorie waaronder het project valt, de maximaal toegestane steunintensiteit volgens de AGVV, de vraag of fiscale regelingen moeten worden meegeteld en de exacte formulering van de subsidieregeling. Daarnaast is van belang hoe kosten zijn afgebakend en toegerekend binnen het project, omdat dit bepaalt of regelingen daadwerkelijk over “dezelfde kosten” gaan. Daarom is cumulatie geen administratieve formaliteit, maar een inhoudelijke toets. Een onjuiste interpretatie kan leiden tot een lagere subsidievaststelling, correcties achteraf of zelfs terugvordering.
Wij zien in de praktijk dat de grootste kansen ontstaan wanneer al in de voorbereiding strategisch wordt gekeken naar de combinatie van instrumenten. Door subsidieregelingen, fiscale voordelen en eigen investeringen goed op elkaar af te stemmen, kan een financieringsmix ontstaan die zowel financieel aantrekkelijk als juridisch correct is. Dat vraagt echter om een zorgvuldige analyse aan de voorkant van het traject.
Cumulatie van subsidies is dus geen simpel “ja” of “nee”, maar altijd afhankelijk van de specifieke regeling, het type project en de manier waarop de financiering is opgebouwd. Het vraagt om een zorgvuldige beoordeling van de spelregels en een goed doordachte structuur voordat een aanvraag wordt ingediend. Wij helpen u hier graag bij. Neem gerust contact met ons op via onze website om uw project en mogelijkheden te bespreken.
Interesse gekregen na het lezen van deze update? Of wil je weten wat wij voor u kunnen betekenen?
Interesse gekregen na het lezen van deze update? Of wil je weten wat wij voor u kunnen betekenen?